Arin, psychoanalytische interpretatie bij fragment 11

·

·

, ,

Na ruim vijftig jaar non stop psychotherapie gegeven te hebben kan ik concluderen dat de behandelingen, waarin in de therapeutische relatie geen wederzijdse behoefte ontstond aan het wederzijds geven en ontvangen van hoop, gedoemd waren te mislukken.

Arin werd meegezogen in de herbeleving van zijn broer Darius aan een ‘spelletje’ dat zij samen toen zij klein waren deden. Arin’s slikklachten confronteerden hem plotseling tijdens ons gesprek over dat spelletje.

Darius en Arin geven met hun ‘spelletje’ een signaal dat ik in mijn praktijk vele malen bij transgenerationeel getraumatiseerde kinderen heb gezien. De broertjes maken samen een eigen beeldvorming van de traumatische situatie van oma en hun ouders omdat zij de ‘echte’ waarheid niet kennen, zij hun ouders daar niet over durven vragen en hun ouders de feiten voor hun jonge kinderen weghouden. Zo’n spel kan zo indringend zijn dat in hun latere leven de fysieke reacties die het spel vergezelden herbeleefd kunnen worden. Bij Arin en Darius was dit het geval.

Ik koos ervoor om Arin niet te vragen wat er in hem gebeurde toen hij het gevoel kreeg dat zijn keel dichtkneep, dat was overduidelijk, maar liet het handelen domineren, door met hem naar de keuken te gaan etc., dus door bij hem te blijven, naast hem te staan en niet tegenover hem te blijven zitten.

Tevens was ik mij vaag bewust van een gevoel van tegenoverdrachtonbewust raakte  zijn verhaal mijn angst voor de eigen existentie van mijn bestaan, mijn eigen kwetsbaarheid. Het ‘spelletje” werd mij even te veel, in een flits zag ik die twee kleine jongetjes voor mij, niet gewikkeld in een verzonnen spannend jongensavontuur, maar helaas in een feitelijk transgenerationeel trauma, opgevoerd en beleefd alsof het echt was, dat het hen ook had kunnen overkomen. 

Een dergelijke situatie behoeft geen empathische, verbale duiding over een mogelijk innerlijk conflict dat door weerstand niet opgelost kan worden, maar uit respect voor het ernstig lijden dat getraumatiseerde mensen kunnen meemaken, Arin behoeft op het moment dat zijn keel zich dichtknijpt een actief ingrijpen om zijn lijden zo spoedig mogelijk te beëindigen.

Door samen met Arin de spreekkamer even te verlaten en naar de keuken te gaan, hielp ik ook mijzelf overeind te blijven om mijn professionele taak te kunnen uitvoeren.

Ik had in mijn tegenoverdracht kunnen wegzakken door uit de therapeutische relatie te stappen om onbewuste mijzelf te beschermen tegen overweldigende gevoelens. 

Dat gebeurde niet.

Psychotraumatherapeuten worden geconfronteerd met schokkende feiten die hun cliënten hebben meegemaakt of nog steeds meemaken. Het kan niet anders dan dat de vreselijke gebeurtenissen in het leven van getraumatiseerde mensen de traumatherapeut in de spreekkamer raken. 

Het besef van de fragiliteit van ons bestaande aantasting van onze existentie door grote (politieke wellust) en kleine (huiselijk geweld) machthebbers, verlieservaringen door ziekten en dood, onrecht, de lijst is lang.

Iemand als Arin schept hoop in de spreekkamer, psychotherapeuten doen dat ook, beter gezegd, zij móeten dat kunnen, ook al is hun eigen leven de hoop ver te zoeken geweest, zij moeten in staat zijn hoop geven aan de cliënt zodat diens toekomstperspectief verbetert. 

Niet alleen in psychotherapie, maar overal waar menselijke relaties zich voordoen, is behoefte aan hoop. Hoop geven, hoop in stand houden en doorgeven, met elkaar en voor elkaar, hoop is éen van de belangrijkste fundamenten voor de existentie van ons bestaan.

Arin was toen hij bij mij kwam zich er niet van bewust dat hij hoop zocht, voor zijn ouders, zijn familie, voor zichzelf.

Ik wel, hij kwam voor meer dan het loskomen van zijn angsten.

Door zijn verhaal aan mij toe te vertrouwen en ik daarover praat met collegae in vertrouwelijke settings worden theorie en techniek betreft psychotraumabehandelingen voortschrijdend verbeterd: wat doet psychotrauma met de menselijke geest?

De lezer zal inmiddels begrepen hebben dat de focus van Arins psychotherapie gericht is op het omgaan met de traumatische ervaringen van zijn oma en zijn ouders, zodat hun trauma hem voor zijn verdere leven niet hoeft te invalideren.

Ik vond het schokkend om te horen hoe Darius (de initiatiefnemer) en Arin samen probeerden in het spelletje met hun gevoelens, hun angsten over de vreselijke familiegeschiedenis om probeerden te gaan. 

Gelukkig praat Darius met Arin, Arin geeft zijn broer goede raad, Arin praat met mij over zijn angstige herbeleving. Darius en Arin lachen om hun ouders, dat betekent dat zij samen afstand kunnen nemen van hun ouders attitude ten opzichte van psychotherapeutische hulp, een losmakings-stap voor Arin en Darius die zij samen beleefden.