Arin is na een half jaar in Londen overgeplaatst naar een vestiging in Toronto, zijn contract wordt verlengd met een jaar, hij wordt in Canada beëdigd.
De gesprekken zijn steeds online, de noodzaak ervan vermindert duidelijk, dat merken we allebei, hij stelt voor ons contact te beëindigen. In éen van de laatste gesprekken deed hij een leuke uitspraak: hij voelde zich vrij van geest en luistert naar zijn hart.
Arin: ik heb met niemand zoveel over mijzelf gesproken als met jou
Ik: en, hoe vind je dat, achteraf?
A: goed, ik moest er wel aan wennen, vooral aan de stiltes die je liet vallen, eerst vond ik dat eng, maar later voelde ik ze als een vrije ruimte voor mij, ook als je alleen maar knikte
Ik knik
–
A: was ik nou bij je in therapie voor mijn angsten of voor mijn verdriet over oma?
Ik: je meldde je aan met angsten, maar uiteindelijk ging je therapie over het durven en mogen vóelen van je verdriet over oma en over je ouders
A: ik snap het, omdat ik mijn verdriet van mezelf mag en durf te voelen kan ik mijn angsten beter aan
Ik: dat is het precies
A: er is altijd verdriet
Ik kijk vragend
A: iedereen heeft verdriet, de een wat meer dan de ander, ook over kleine dingetjes
Ik knik
A: mijn vader en ik reden naar Schiphol, we gingen Darius en zijn vrouw en zoontje afhalen, ze logeren bij m’n ouders, Selma is weer in verwachting, mijn vader was erg stil, ik zag tranen op zijn wangen, ik vroeg wat er was, hij reed en bleef voor zich uit kijken, hij zei ‘zullen mijn kinderen en kleinkinderen ooit ons mooie land zien?’ Ik wist dat hij Iran bedoelde. Ik voelde zijn verdriet, zijn heimwee. Ik voelde dat ik ook eens naar Iran zou willen, maar als gay moet je dat nu niet doen, dat weet ik allang, ik heb rijen reisgidsen, fotoboeken, kookboeken en boeken van Iraanse schrijvers thuis, dat weet mijn vader. Die gaan mee naar Canada
Ik knik
A: ik vroeg aan hem wat hij aan ons van Iran zou willen laten zien, hij keek blij: er is zoveel moois…ineens sprak hij Farsi, dat herken ik een beetje omdat mijn ouders samen Farsi spreken: ‘Isfahan, Persepolis, de kleur en geur van de Moskeeën, de kleur van het zand in de woestijnen, de groene valleien! Je hebt heimwee, zei ik. Ja, ik heb altijd heimwee maar hier zijn we veilig, dat telt nu, mijn vader raakte even mijn arm, jij gaat goed hè?
Ik: een mooi moment samen
A: en ook wederzijds, ik kan inmiddels wel empathisch zijn, ik begrijp hem wel, maar dat hij zijn gevoel uitte over Iran, en mijn arm raakte en iets liefs zei, dat is voor zijn doen best veel, ik ben er blij mee, het voelt goed
Ik knik
A: ik heb mijn ouders verteld dat ik klaar ben met de therapie, dat ik door met jou te praten geen lichamelijke klachten meer heb, behalve dan dat heel af en toe mijn keelspieren op stress reageren en dat ik dat zelf kan verminderen. Mijn vader bromde wat en mijn moeder wou dat ik jou namens haar bedank. Dat jíj mijn lichaam weer gezond hebt gemaakt, wat die artsen niet konden, ze zei alleen mijn lichaam
Ik weet inmiddels wel beter, niet alleen mijn lichaam is gezond geworden, vooral mijn geest! Mijn ouders weten niet half hoe vrij van geest ik geworden ben, hoe ik feest, hier in Toronto, met veel gay stellen, ook op mijn werk, en dan Tjeerd, we lopen hand in hand op straat, hij komt eens in de maand een weekend naar mij, onze relatie is het fijnste dat mij momenteel overkomt, ik luister naar mijn hart als ik met hem ben, voor hem geldt dat ook
–
Ik: leuk wat je zegt: vrij van geest en luisteren naar je hart
A: dat is een mooie omschrijving van wat ik bij je bereikt heb.