Tweede sessie in dezelfde week
Claudia: ik heb veel nagedacht over dat ik me zo voor mijzelf schaam
–
Cl: voor mijn dwanghandelingen , maar ik wil er niet bij stilstaan
Ik: als je bij het schamen stil zou staan wordt het te pijnlijk, zou dat kunnen?
Cl: dan dwing ik mijzelf aan iets anders te denken, dan ga ik verdringen, zoal jij dat zegt, klopt dat?
Ik: niet echt, ergens bewust niet aan willen denken is een bewust proces, verdringen gaat onbewust, dat gebeurt zonder dat je het weet of voelt
Cl: jij vindt verdringen belangrijk om te bespreken
Ik: ook niet helemaal, je kunt niet zeggen: oh, nu ben ik aan het verdringen, dat je hebt verdrongen merk je achteraf, ineens wordt je iets duidelijk, klaart er iets op, je voelt dat er iets klopt, een soort bevrijding
Cl: kan ik bevrijd worden van de schaamte over mijzelf?
–
Cl: schamen voor jezelf, dat is eigenlijk heel verdrietig
–
Cl: ik beteken niks
–
Cl: daarom kom ik niet voor mijzelf op
Ik: en gebeurt er van alles met je dat je niet wilt
Cl lacht: zoals het spijkerjasje
Ik: dat is nog tot daaraantoe, heb je je ook mogelijkheden laten ontnemen?
–
Cl: ik had willen studeren
Ik: dat is een goed voorbeeld, waar denk je aan?
Cl: de bibliotheekschool, dat leek mij geweldig, iemand uit mijn klas ging dat doen, heerlijk tussen de boeken
Ik knik
–
Cl: maar dat is allemaal te laat voor mij, ik kan hooguit vrijwilligerswerk doen bij een bibliotheek, in de wijkkrant stond een oproep voor vrijwilligers voor de grote bibliotheek vlak bij mijn huis
Ik kijk haar vragend aan
Cl: maar eerst de kelder ontruimen en renoveren voor mijn man, hij komt gauw weer thuis
Claudia zit wat te peinzen, ik vermoed dat zij afweegt waar ze nu over wil praten, gaat zij door op de doe-dingen, zoals de thuiskomst van haar man, de verbouwing van de kelder of het praktische opruimen, of gaat ze een stapje verder en vertelt zij mij haar gevoelens?
–
Cl: wat ik niet zo goed begrijp van mijzelf is waarom ik niet blijer kan zijn met dat ik minder controleer in de kelder, het lijkt alsof ik iets kwijt ben geraakt, iets dat mij ondanks alles dierbaar was, zo vertrouwd, het gaf richting aan mijn dagen, ik had altijd wat te doen, begrijp je dat?
Ik knik
Cl: het controleren was vreselijk maar het voelde ergens ook goed, iets dat ik moest doen omdat het waardevol was
–
Ik: je zegt waardevol
–
Ik: stond het controleren onbewust misschien voor iets waardevols dat je nog moest ontdekken?
Cl: iets over mijzelf waarvoor ik mij schaam, zoals mijn dwanghandelingen?
Ik: die ontdekking zou kunnen maken dat je jezelf beter begrijpt, wat er allemaal in je om gaat, juist op een dieper niveau dan de focus op je dwanghandeling
–
Cl: ik voel wel iets vaags bij wat je zegt
Ik: iets vaags en anders dan dat het over het controleren van je voorraad gaat, probeer dat los te laten nu
–
Cl: oké, thuis, mijn zus en ik, Claudia stokt en kijkt naar de grond, wij namen niemand mee naar huis
Ik knik
Cl: die twee op de bank
–
Cl: ik ga het tegen jou zeggen: ik haatte ze
Ik: ik zie en hoor je haat
Cl met doffe stem: maar zoiets mag je niet voelen voor je ouders, ik schaam mij voor mijn slechte gedachten
Ik: ik hoor je
Cl: ze waren samen ziek
–
Cl: ik wou ze niet meer, m’n zus en ik samen weg, uit huis, dat konden we heus wel, we waren al zo volwassen voor onze leeftijd
Claudia huilt, slaat eerst haar handen voor haar gezicht, maar dan haalt zij haar handen weg en pakt een zakdoekje uit het pakje op de tafel
Cl: je mag mijn tranen zien, ik ben vast niet de enige die hier huilt
Ik: het huilen klopt wel hè
Cl: ja, het voelt rustig, ik hoef even niks, ook niet wegstoppen, of mij flink houden
Ik: ga even lekker achterover zitten, even met je buik ademen, kijk zo (ik doe het voor), rustig uitblazen, neem je tijd
–
Ik: je huilde…..
Cl: ja ik voelde ineens hoe spijtig het allemaal was, al die domme baantjes terwijl ik serieus had kunnen studeren, vette pech toch?
Ik knik: geef jezelf eens hoop nu
Cl nog verdrietig: ik ben nog jong genoeg om er wat van te maken
Ik knik haar toe
Er staat een afspraak