Tine, een klik met je psychotherapeut (5)

·

·

,

Tine is naar haar huisarts geweest vanwege het drukkende gevoel in haar hoofd.  De huisarts vond geen directe aanleiding voor uitgebreid specialistisch onderzoek, bloedonderzoek en bloeddruk gaven geen bijzonderheden, maar gaf toch een verwijzing mee voor de neuroloog. Tine heeft over 14 dagen een neurologisch onderzoek.

Een fragment uit de sessie van vandaag.

T: dat zinnetje van vorige keer doet mij goed, er heeft zich inderdaad een complexe gebeurtenis in ons leven voorgedaan, dat is precies wat het is, en meer ook niet, zo kan ik het aan mijn dochter presenteren

Ik: dat zinnetje wordt een soort inleiding voor het gesprek me je dochter?

T: ja, ook omdat mijn moeder en mijn stiefvader allebei niet meer leven, Karst gaat daarin met mij mee, hij is nog huiverig maar niet meer totaal afwijzend

Ik: begrijp ik goed dat jij besloten hebt je dochter te vertellen over Paul en dat Karst met je meedenkt?

T: ja ik ga het doen, ik voel het ook steeds meer als het goede moment om het te vertellen, niet te laat of zo

Ik knik

T: we hebben het met z’n vieren weggestopt, verdrongen, onbewust denk ik

Ik: nee dat was niet onbewust, onbewust is dat je niet weet dat je iets hebt weggestopt,  jullie hebben samen het gezinsgeheim bewaakt, meer een gezamenlijke afspraak, niet verdrongen

T: het bleef toch een lastig geheim, maar nu voel ik mij rustiger, inderdaad is het een zeer complexe gebeurtenis in ons leven, dat kan verteld worden, te belangrijk om niet te vertellen toch?

Ik: zo’n complexe gebeurtenis is het waard verteld te worden?

T: ja, dat voelt goed, het is goed het Eva niet eerder verteld te hebben, ook omdat opa en oma er allebei niet meer zijn, maar nu kan het

Ik knik

T: zoiets vertel je toch niet aan een kind, dat ze door haar opa verwekt is en dat haar vader haar halfbroer is, zo’n waarheid trekt een kind niet, dat vind jij toch ook?

Ik: je denkt dat je dochter door haar volwassenheid  deze waarheid aan kan, ja, ik denk net zoals jij dat dit heel goed zou kunnen, voor een jong kind lijkt het mij inderdaad veel lastiger, dus je hebt een goed gevoel over het moment dat je het haar gaat vertellen

T: ja, ik zeker wel, Karst heeft er nog moeite mee

Ik: moeite?

T: hoe hij nu nog Eva’s vader is, zij schelen een hele generatie qua leeftijd, dus een broer van haar zijn is ook raar

Ik knik: zo complex voor hem, hij zegt het goed, hij voelt dat allemaal

T: ik heb dat precies zo, mijn man en dochter zijn halfbroer en halfzus van elkaar, hoe raar kan het gaan

Ik: denk je daar samen over te kunnen praten, ik bedoel met z’n drieën?

T: dat hoop ik, ik hoop dat Eva niet boos op ons is,  zou ze boos zijn?

Ik: moeilijk te voorspellen

T: wil je ons helpen als het mis gaat?

Ik: als jullie dat alle drie willen

T beetje verlegen: ik heb nog altijd een klik met je

Ik glimlach terug.